Stabiele financiën, krachtige toekomst
Stabiele financiën, krachtige toekomst
11 februari 2026 
3 min. leestijd

Stabiele financiën, krachtige toekomst

Na vier jaar bouwen kunnen we vaststellen dat de financiële positie van Edam-Volendam weer op orde is. De gemeentelijke reserves staan weer op een goed niveau, en daarmee hebben we gebouwd aan een stabiele en krachtige (financiële) toekomst voor onze gemeente. Dat is belangrijk: om een zelfstandige gemeente te blijven, om voorzieningen zoals de Waterdam open te houden en om eventueel bij te springen bij projecten als de Lange Weeren.

Tegelijkertijd hebben we bewust geïnvesteerd in grond. Daarmee faciliteren we ondernemers in hun groei, helpen we woningzoekenden aan (betaalbare) woningen én zorgen we voor gezonde gemeentelijke financiën op de lange termijn.

De komende vier jaar willen we de gemeente nog (financieel) krachtiger maken. Er zijn uitdagingen, maar we zien ook oplossingen.

Eén van de grootste uitdagingen zijn de zogenaamde ‘ravijnjaren’. Dat zijn jaren waarin de rijksoverheid minder geld aan gemeentes geeft voor de (toenemende) verplichte taken 

Ongeveer 50-60% van de inkomsten krijgt de gemeente van de rijksoverheid. Dat geld wordt gestort in het zogenaamde gemeentefonds. Als gemeente voer je wettelijke taken uit met dat geld, bijvoorbeeld binnen het Sociaal Domein.

En daar wringt de schoen: iedere gemeente in Nederland krijgt miljoenen minder geld van de rijksoverheid in het gemeentefonds, terwijl de verplichte taken níet worden bijgesteld. Tegelijkertijd stijgen de gemeentelijke kosten voor die verplichte taken.

Kortom: meer lasten, minder inkomsten. Ongeveer 80% van de gemeentes in Nederland is hierdoor financieel in de problemen gekomen, en zoekt nog oplossingen voor de komende jaren.

Heeft dan niemand de overheid hierop gewezen? De belangenvereniging namens de gemeentes, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), heeft flinke druk uitgeoefend op de rijksoverheid om de kortingen op het gemeentefonds terug te draaien

Maar zij kreeg vanuit de landelijke politiek steevast te horen: ‘Er is bij gemeentes nog genoeg ruimte voor belastingverhoging om de tekorten mee aan te vullen.’ Daarom lees je in de krant dat overal de gemeentelijke belastingen zijn gestegen ingegeven door rijksbeleid. De rijksoverheid stort minder in het gemeentefonds waarmee gemeentes de verplichte taken kunnen uitvoeren. Daarbij krijgen gemeentes meer (verplichte) taken waar zij geen, of te weinig, geld voor krijgt – maar die wel (extra) personele capaciteit kost.

Ons uitgangspunt blijft dat we er álles aan doen om de lokale lasten niet meer te laten stijgen dan het landelijke inflatiepercentage. Wat ons betreft kijken we de komende jaren juist hoe we ervoor zorgen dat de lasten niét onnodig extra stijgen voor inwoners. Dit, zonder dat belangrijke voorzieningen verdwijnen en woningbouwprojecten in het geding komen. Daarvoor is een stabiele inkomstenstroom vanuit de overheid een vereiste, anders weet je niet waar je aan toe bent. Het is afwachten hoe het nieuwe kabinet hiermee omgaat.

Is er dan niet gezocht naar lokale bezuinigingen? 

Jawel. Zo hebben we onder andere 1,8 miljoen structureel bezuinigd op externe inhuur, is in gezamenlijkheid met de hele raad miljoenen bezuinigd binnen alle programma’s. Daarnaast is en zal in 2025 en 2026 175.000 euro (worden) bezuinigd, en staat in 2027 en 2028 400.000 euro aan bezuinigingen op de planning als het gaat om personele lasten.

Ook hebben we ons hardgemaakt voor een andere manier van begroten: met een duidelijk onderscheid tussen wettelijke en niet-wettelijke taken. Als blijkt dat we onverwachts minder geld krijgen van de rijksoverheid, of dat de kosten ineens flink stijgen, willen we weten aan welke knoppen we kunnen draaien. Het proces van anders begroten is in gang gezet en wij blijven dit proces nauwgezet volgen en sturen bij waar nodig.

Een optionele inkomstenbron is actief grondbeleid. Dat betekent dat de gemeente actief gronden verwerft en ontwikkelt

Actief grondbeleid betekent dat de gemeente zelf grond koopt, deze bouwrijp maakt en verkoopt voor woningbouw – in plaats van alles over te laten aan projectontwikkelaars. Zo houdt de gemeente meer regie én kan een eventuele opbrengst terugvloeien naar de gemeenschap.

Een goed voorbeeld is woningbouwproject de Broeckgouw. Onder leiding van wethouder Marisa Kes ging dit project door, juist tijdens de economische crisis toen veel bouwplannen stillagen. Omdat de gemeente zelf ontwikkelde:

  • konden woningen betaalbaarder worden gebouwd,
  • was er meer invloed op wie er een woning kreeg,
  • en bleef een deel van de opbrengst bij de gemeente.

Dat geld wordt vervolgens weer gebruikt voor voorzieningen en projecten waar alle inwoners van profiteren.

Deze werkwijze zien wij ook voor ons met de ontwikkeling van de Lange Weeren, als wij als gemeente de grond kunnen aankopen van één van de grondeigenaren.

Wij kiezen bewust voor actief grondbeleid. Bij actief grondbeleid geldt: je moet eerst investeren, voordat het iets oplevert.

Dat werkt eigenlijk heel simpel. De gemeente koopt eerst grond. Daarvoor wordt geld geleend. Vervolgens wordt die grond zo snel mogelijk ontwikkeld en verkocht. Met de opbrengst wordt de lening weer afgelost. En belangrijk: de vraag naar bouwgrond is groot, dus die grond raakt ook daadwerkelijk verkocht.

Een goed voorbeeld is het Edam-Volendamse deel van De Purmer. Daar heeft de gemeente grond gekocht, zodat lokale ondernemers kunnen uitbreiden, verduurzamen en hun bedrijf toekomstbestendig kunnen maken.

Het voordeel daarvan is dat op oude locaties ruimte vrijkomt voor woningbouw. Zo helpt actief grondbeleid niet alleen bedrijven vooruit, maar zorgt het ook voor extra woningen.

Volendam|80 staat voor: een financieel sterke(re) gemeente, voldoende woningen voor eigen ingezetenen en het faciliteren van ondernemers.

Laat ons bouwen aan jouw toekomst! Stem 18 maart 2026 Volendam|80. 

Heb je ergens vragen over? Stel ze via info@volendam80.nl 

Reactie plaatsen